Doordenken

Slachtoffers, waar je ook kijkt

Ronald de Leij is publicist. Hij was in het verleden onder meer directeur van Akzo Nobel Nederland, VNO-NCW en DECP, en strategisch adviseur van AWVN

Weet u al tot welke slachtoffergroep u behoort? Ongeacht uw leeftijd is u vast weleens iets overkomen door toedoen van anderen, waaraan u met ongenoegen terugdenkt. Misschien bent u ergens voor afgewezen of is u deelname of toegang geweigerd met een op uw persoon betrekking hebbende verklaring. En mocht u in uw eigen leven niets te binnen schieten, denk dan aan uw ouders, grootouders of overgrootouders. Als dat ook niets oplevert waardoor u zich (alsnog) gekwetst, vernederd of geïntimideerd voelt, dan behoort u vrijwel zeker tot de categorie die juist anderen iets heeft aangedaan, afgewezen of geweigerd. Of u bent er de verwerpelijke nazaat van en daarmee – in het actuele ‘discours’ – niet minder verantwoordelijk.

Daders rest nog maar één ontsnappingsmogelijkheid: u schaart uzelf onverhoeds aan de zijde van een slachtoffergroep naar keuze en bindt samen met hen de strijd aan. Zo ongeveer als een longarts die jarenlang zelf aan tabak verslaafd is geweest – waarvan tal van onschuldigen hebben meegenoten – en nu een feller bestrijder is van de tabaksindustrie dan willekeurig welke anti-­roker die nooit heeft gerookt. En wie weet zien we nog eens een door Job Gosschalk bij wijze van boetedoening gecaste film waarin een castingdirector die zijn libido niet onder controle heeft, letterlijk het vel over de oren wordt getrokken.
Hoe komt het toch dat steeds meer mensen claimen ergens eerste-, tweede- of derdegeneratieslachtoffer van te zijn? Uiteraard bij voorkeur slachtoffer door toedoen van anderen in heden of verleden. Zozeer zelfs dat er nu mensen zijn opgestaan (of zijn zij door bekeerlingen uit hun ‘vals bewustzijn’ gewekt?) die zich ondraaglijk geschoffeerd voelen wanneer zij in collectief verband met ‘dames en heren’ worden aangesproken. Het moge u reeds duidelijk zijn, voor zoveel gevoeligheid kan ik geen begrip opbrengen.

Als het stoplicht vóór mij op rood springt, dan is dat ook al omdat ik rood haar heb

Ofschoon de mensheid voor haar voortbestaan meer te duchten heeft van chagrijnige virussen, hebben we als individu vaak het nodige te lijden van andere individuen. Die anderen staan vóór ons in de file, dringen voor in wachtrijen, rijden met winkelwagentjes tegen onze enkels en maken ons uit voor rotte vis als wij het, natuurlijk geheel per ongeluk, hun aandoen.
Zij maken misbruik van hun machtspositie door een ander boven ons te verkiezen als nieuwe medewerker. Zij weigeren te erkennen dat onze kinderen hoogbegaafd, hoogsensitief of dyslectisch zijn of lijden aan een neef van Asperger.

Kortom, op onze weg door het leven en vooral op onze weg naar de top, zitten die anderen ons voortdurend in de weg. En dan niet omdat wij mateloos irritant, volkomen talentloos of hopeloos arrogant zijn, neen, want als het stoplicht vóór mij op rood springt, dan is dat ook al omdat ik rood haar heb. Zoals de bus altijd voor mijn neus wegrijdt terwijl ik nauwelijks te laat ben. Als het tegenzit, hebben anderen het gedaan. En als het daarentegen meezit, dan is dat enkel en alleen aan mijzelf te danken.

Het is het trieste gevolg van een politieke keuze die voorwendt dat wij er met zijn allen beter van worden als niet alleen bedrijven, maar ook individuen voortdurend met elkaar concurreren. Die voorwendt dat succes een keuze is (en daarmee mislukking dus ook), zonder erbij te vertellen dat er op de top van de piramide uiteraard slechts plaats is voor een enkeling – en die de enkelingen op de top weigert voor te houden dat de hoogte van de piramide juist door de breedte van de basis wordt bepaald.

Geplaatst op 12 december 2017