Vraag ’t de AWVN-werkgeverslijn

Oproepkrachten

De AWVN-werkgeverslijn is de helpdesk voor leden van AWVN. Dagelijks komen er uiteenlopende vragen binnen. De medewerkers van de AWVN-werkgeverslijn hebben voor deze editie van Werkgeven een aantal belangrijke vragen met betrekking tot de oproepkracht op een rijtje gezet.

Tekst
Sharlene Labots

Welke contracten zijn er voor oproepkrachten?

De meest gebruikte oproepovereenkomst is de arbeidsovereenkomst met uitgestelde prestatieplicht (MUP), beter bekend als het nulurencontract. In een MUP-arbeidsovereenkomst hebben werkgever en werknemer geen afspraken gemaakt over het aantal uren dat de werknemer werkt. Als in de oproepovereenkomst wél een bepaalde urengarantie is opgenomen, spreken we over een min-maxcontract. Bij een min-maxcontract heeft de werknemer recht op een minimumaantal werkuren per week, maand of jaar (garantie-uren). Daarnaast spreken werkgever en werknemer af voor hoeveel uur de werknemer maximaal oproepbaar is.

Een ander soort oproepovereenkomst is de voorovereenkomst. Dit is een overeenkomst op grond waarvan steeds een tijdelijke arbeidsovereenkomst voor de duur van de oproep tot stand komt. Omdat bij elke oproep een tijdelijke arbeidsovereenkomst wordt aangegaan, is de ketenbepaling van toepassing.

Let op! Bij een MUP-arbeidsovereenkomst en een min-maxcontract is de werknemer verplicht gehoor te geven aan de oproep. Bij de voorovereenkomst mag de werknemer zelf beslissen of hij gaat werken.

Hoeveel uur moet ik minimaal betalen aan een oproepkracht?

Iedere keer dat een werknemer wordt opgeroepen en ook daadwerkelijk aan het werk gaat, moet hij minimaal drie uur aan loon uitbetaald krijgen. Dit geldt ook als een werknemer slechts voor één of twee uur wordt opgeroepen. Om aanspraak te maken op drie uur loondoorbetaling, moet de werknemer wel voldoen aan een van de volgende voorwaarden:
• de werknemer heeft een contract voor minder dan vijftien uur per week en er zijn geen duidelijke, vastgelegde afspraken gemaakt met de werkgever over de werktijden
• de werknemer heeft geen vaste afspraak over het aantal uren dat hij  werkt; dit is bijvoorbeeld het geval bij een nulurencontract.

Wat is het rechtsvermoeden van arbeidsomvang?

Als een arbeidsovereenkomst ten minste drie maanden heeft geduurd, kan een oproepkracht het rechtsvermoeden van arbeidsomvang inroepen (artikel 7:610b Burgerlijk Wetboek). Dit houdt in dat wordt vermoed dat de afgesproken arbeid een omvang heeft van de gemiddelde werktijd per maand in de drie voorafgaande maanden. De drie maanden waarop de werknemer zich beroept, noemen we de referteperiode. In de praktijk doen werknemers meestal een beroep op deze wettelijke bepaling als ze structureel meer uren werken dan het overeengekomen aantal uren. De werkgever kan tegenbewijs leveren en heeft de mogelijkheid om aan te tonen dat van structurele overschrijding geen sprake is. Het gevolg van een geslaagd beroep op het rechtsvermoeden is dat de oproepovereenkomst een arbeidsovereenkomst met een overeengekomen aantal uren wordt.

Moet ik een oproepkracht doorbetalen tijdens ziekte?

Een oproepkracht heeft slechts recht op loondoorbetaling tijdens ziekte over de uren waarvoor hij staat ingeroosterd. De werkgever moet tijdens de ingeroosterde werkdagen ten minste 70 procent van het loon doorbetalen voor de duur van de oproep. In een cao kan zijn geregeld dat de werkgever meer dan 70 procent moet doorbetalen. Als een oproepkracht echter ziek wordt na afloop van de ingeroosterde dagen, dan is de werkgever niet verplicht om het loon door te betalen. In de periode waarin een oproepkracht niet wordt opgeroepen, heeft hij dus geen recht op doorbetaling van loon.

Let op! Als een werknemer ten minste drie maanden in dienst is, kan deze zoals gezegd een beroep doen op het rechtsvermoeden van arbeidsomvang. Bij een succesvol beroep moet de werkgever het gemiddelde aantal uren doorbetalen tijdens ziekte.

Heeft een oproepkracht recht op vakantiegeld en -dagen?

Volgens het Burgerlijk wetboek en de Wet minimumloon en vakantiebijslag heeft iedereen met een arbeidsovereenkomst recht op zowel vakantiegeld als -dagen. Een oproepcontract is een flexibele vorm van een arbeidsovereenkomst. Dit betekent dus dat ook oproepkrachten recht hebben op zowel vakantiegeld als -dagen. Net als bij alle andere werknemers gaat het bij de vakantiedagen om minimaal viermaal de overeengekomen arbeidsduur per jaar. Een oproepkracht heeft niet altijd een vast aantal werkuren per week. In de praktijk wordt daarom vaak per gewerkt uur een percentage aan vakantie-uren opgebouwd.

Daarnaast hebben oproepkrachten, net als alle andere werknemers, recht op een vakantiebijslag van ten minste 8 procent van het loon over de feitelijk gewerkte uren. Hierover kunnen andere afspraken worden gemaakt in een cao of bedrijfsreglement.

Vragen over arbeidsrechtelijke kwesties? Neem contact op met de AWVN-werkgeverslijn. De helpdesk voor AWVN-leden is op werkdagen telefonisch bereikbaar van 8.30 uur tot 17.00 uur: 070 850 86 05. Of mail naar werkgeverslijn@awvn.nl.

Sharlene Labots
Sharlene Labots

is medewerker van de AWVN-werkgeverslijn

Geplaatst op 20 september 2017