Duurzame inzetbaarheid dichterbij brengen

Column van Harry van de Kraats

Harry van de Kraats is algemeen directeur van werkgeversvereniging AWVN en directeur Sociale Zaken van VNO-NCW

Geen onderwerp dat zo hoog scoort op de agenda van werkgevers als duurzame inzetbaarheid. In het periodieke trendonderzoek van AWVN zette meer dan 50 procent van de werkgevers dat thema zelfs bovenaan. De veranderingen in economie, arbeidsmarkt en bedrijven maken dat de doorlooptijd van functies steeds korter is geworden. Een functie kan morgen ophouden te bestaan, terwijl functies die nu nog niet zijn bedacht volgende week ineens kunnen bestaan.

Duurzame inzetbaarheid lijkt het ei van Columbus om de personeelsvraagstukken die hieruit voortvloeien, op te lossen. Werknemers die dankzij dit beleid weerbaar zijn geworden, zien hun eigen kansen op de arbeidsmarkt groeien. Ze lopen minder risico op uitval in hun huidige beroep, kunnen gemakkelijk van beroep veranderen en zijn op veel vlakken bij de tijd. En werkgevers zien om precies dezelfde redenen dergelijke werknemers graag komen: ze zijn immers gemakkelijk in te passen of op een andere functie voor te bereiden, en – als de nood aan de man komt en het bedrijf in moeilijkheden zit – zoeken ze zelf een andere baan.

Tot zover het goede nieuws. Want van al die werkgevers die met duurzame inzetbaarheid aan de slag willen, stuit het overgrote deel op praktische problemen. Ontwikkeling van iemands duurzame inzetbaarheid veronderstelt dat hij of zij zelf in actie komt, zelf eigenaar van het loopbaanvraagstuk wordt, zelf de regie in handen neemt. En daar schort het nogal eens aan. Met stip bovenaan staat daarom bij werkgevers de vraag: ‘Hoe zorg ik als werkgever dat medewerkers zich zélf verantwoordelijk voelen voor hun eigen duurzame inzetbaarheid en een actieve rol gaan vervullen?’

Apps zijn een goed middel om mensen te bereiken

Een onderliggend probleem bij duurzame inzetbaarheid is dat ander, nieuw gedrag (zelf het heft in handen nemen) meestal pas op de lange termijn effect heeft. Wanneer pluk je de vruchten van een gezondere leefstijl? Vaak pas over jaren en dat is voor veel werkenden ‘te ver weg’, blijkt uit recent onderzoek van AWVN naar het eigenaarschap van duurzame inzetbaarheid.
Daaruit blijkt ook dat een laagdrempelige, praktische insteek en informatie die goed aansluit bij de uitgangssituatie van de werkende, de belangrijkste kenmerken zijn van een succesvolle aanpak. Kleine stappen, is het devies. Daarbij is communicatie hierover effectiever als deze zoveel mogelijk aansluit bij de persoonlijke situatie van het moment en bij de waarden die werkenden belangrijk vinden. Bij laagopgeleiden zijn dat bijvoorbeeld werkzekerheid en beloning, terwijl hoogopgeleiden meer gericht zijn op ontwikkeling.
Met dat in gedachten heeft AWVN een app ontwikkeld die werkenden daarbij helpt: Tiptrack. Dit instrument draait op dit ogenblik bij wijze van proef in een aantal grote bedrijven en de ervaringen zijn zeer bemoedigend: werkenden in die bedrijven blijken daadwerkelijk gebruik te maken van de mogelijkheden om zelf actief met de eigen inzetbaarheid aan de slag te gaan.

De verklaring daarvoor is ook weer erg eenvoudig: iedereen heeft een smartphone en/of een laptop, iedereen gebruikt apps. Apps zijn dus een goed middel om mensen te bereiken. Of de betreffende app gebruikt wordt en of men de app blijft gebruiken, hangt voor een heel groot deel af van de gebruikerstevredenheid. En die hangt er weer van af hoe toegankelijk de app is en of de gebruiker zelf invloed heeft op de manier waarop hij er mee werkt. De effectiviteit van de app hangt natuurlijk af van de (ervaren) kwaliteit van de inhoud en is groter als de app de gebruiker vanuit meerdere methoden en invalshoeken benadert.
Eigenlijk is de conclusie dus heel simpel: in een tijd van individualisering waarin mensen steeds meer zelf hun keuzes willen maken, moet je ook duurzame inzetbaarheid dichtbij de persoon brengen en aansluiten bij zijn beleving. Dan gaat het werken.

Geplaatst op 28 maart 2017