Doordenken

Een vat vol raadselen

Ronald de Leij is publicist. Hij was in het verleden onder meer directeur van Akzo Nobel Nederland, VNO-NCW en DECP, en strategisch adviseur van AWVN

De stand van onze mondhoeken – glimlachend, dan wel zichtbaar moeite hebbend met de zwaartekracht – heeft geen aantoonbare invloed op ons geluksgevoel. De jongste bevinding in de (sociale) psychologie verwijst de zogeheten gezichtsfeedbackhypothese (populair te omschrijven als ‘blij kijken maakt blij, droef kijken maakt droef’) naar het snelgroeiende rijk der psychologische fabelen.

Deze hoopgevende hypothese (want wat is een simpeler therapie dan om in depressieve toestand onze mondhoeken opwaarts bewegen?) leek voor de goegemeente van psychologische wetenschappers genoegzaam bewezen door middel van een in 1988 onder leiding van de Duitse psycholoog Fritz Strack uitgevoerd experiment. Helaas. Grootschalige herhaling van Stracks experiment door onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam laat geen spaan heel van het door hem gevonden bewijs.
Misschien is het wat vroeg om nu al te concluderen dat het de geëigende wetenschappen niet zal lukken de menselijke psyche ooit in zodanige mate te doorgronden dat nauwkeurige voorspelling van gedrag mogelijk is. De mens is onberekenbaar, en lijkt zich te gedragen als een haas die zijn belagers van zich afschudt door niet in rechte lijn weg te rennen, maar onvoorspelbare slagen naar rechts en links te maken. In het geval van de haas tot irritatie van zijn belagers, in het geval van de mens tot irritatie en wanhoop van beleidsmakers.

‘Zal een mens zichzelf ooit begrijpen?’, is een vraag die ik, voor wat mijzelf betreft, ontkennend beantwoord. Daar ben ik bepaald niet ongelukkig mee, omdat ik het dan vrijwel – zoal niet categorisch – uitgesloten acht dat iemand anders mij ooit wél volledig zal begrijpen. Want stel dat u uzelf niet begrijpt, maar een ander doet dat wel. En dat u dus niet in volle zuiverheid (zonder rationalisaties achteraf) uw feitelijke handelen kunt verklaren, terwijl een ander dat wél kan. Het zou die ander onwaarschijnlijke macht over u geven en het einde betekenen van uw persoonlijke soevereiniteit.

De mens gedraagt zich als een haas die zijn belagers van zich afschudt door onvoorspelbare slagen naar rechts en links te maken

Bewezen geachte psychologische hypothesen worden inmiddels stelselmatig ontkracht. Dit maakt de menselijke psyche steeds meer een vat vol raadselen. Ook de neurowetenschappen verschaffen ons bepaald geen onbetwiste helderheid. Het kan dan ook niet anders of er moeten mijns inziens, nog meer dan in het verlengde van de financiële crisis al is gebeurd, grotere vraagtekens worden gezet bij het voorspellend vermogen van de gammawetenschap die zich graag als bèta aan ons presenteert: de economie.

En dat maakt de (sociaal)economische politiek tot een domein dat alleen met de grootste omzichtigheid kan worden betreden. Het is de vraag of het Centraal Planbureau (CPB) – of vergelijkbare instituten – daarbij onze beste gids is. Ik betwist niet de integriteit van het CPB of de toewijding van leiding en medewerkers. Ik vraag mij slechts af of elke gids beter is dan geen gids, temeer omdat we ons in de aanloop naar de komende Kamerverkiezingen bevinden en politieke partijen dus, gewoontegetrouw en op straffe van te worden genageld aan de boekhoudkundige strafpaal, hun programma’s laten doorrekenen.

Mag ik u het boek Ons feilbare denken uit 2011 van Daniël Kahneman aanraden? Kahneman is een psycholoog, inderdaad. Maar wel één aan wie in 2002 de Nobelprijs voor de Economie is toegekend vanwege zijn overtuigende ontkrachting van het rationaliteitspostulaat dat de grondslag vormt van  menige economische theorie én CPB-, IMF- en OECD-voorspelling. Sindsdien is de gedragseconomie aan een opmars bezig. Een goede zaak, maar of het ons veel verder brengt, waag ik vooralsnog te betwijfelen.

Geplaatst op 21 september 2016